Goede samenwerking tussen de school en zorgpartners voorkomt escalatie van problemen met en van leerlingen. Samenwerking zorgt voor afgestemde onderwijs-zorgarrangementen en een passend en samenhangend aanbod van zorg en ondersteuning voor elk kind. Dat is nodig omdat scholen de laatste jaren de gedragsproblemen bij leerlingen zien toenemen. Leerkrachten zijn belangrijke signaleerders van en informanten over de problematiek bij kinderen, maar niet opgeleid om deze problemen aan te pakken of op te lossen.
In een zorg- en adviesteam werken scholen samen met professionals om leerlingen met problemen snel en adequaat te helpen. Binnen de organisatie van de zorg onderscheiden we:
In het Kwaliteitskader ZAT! komen alle aspecten aan de orde die van belang zijn voor een goede zorgstructuur in het voortgezet onderwijs. Zoals: het doel van een intern zorgteam en een zorg- en adviesteam, de samenstelling en functies van de teams, werkprocessen, bestuurlijke waarborging en kwaliteitskenmerken. Ook de verschillende hulpmiddelen en instrumenten worden beschreven. Het gaat niet alleen om het intern zorgoverleg of het zorg- en adviesteam - het gaat ook om de goede verbinding met andere onderdelen van de zorg, zowel binnen als buiten de school.
In het ZAT in het VO zijn de partijen opgenomen die in de praktijk hebben bewezen een belangrijke bijdrage te leveren aan het realiseren van de doelen en de functies van het ZAT. Daarbij wordt een onderscheid gemaakt in basispartijen en keuzepartijen. De basispartijen vormen de kern van het ZAT. Zij worden VO-breed aangemerkt als basispartij vanwege de frequentie en intensiteit waarmee op hen een beroep wordt gedaan bij de uitvoering en versterking van de zorgtaak van het onderwijs. Bij keuzepartijen gaat het om organisaties waarbij het aan de specifieke school is om te bepalen in hoeverre de problematiek die aan de orde is vraagt om de deelname van deze partijen.
Voorbeelden van de organisatie van de zorg: